Opens in a new tab

Hoe voorkom je dat AI-tools meer problemen creëren dan ze oplossen?

Jaap de Roos ·
Professional aan modern bureau met laptop, omringd door verstrengelde kabels en plakbriefjes, groot raam met natuurlijk daglicht in Nederlands kantoor.

AI-tools creëren meer problemen dan ze oplossen wanneer je ze inzet zonder dat de onderliggende fundamenten op orde zijn. Dat geldt voor bedrijven van elke omvang, maar het risico is het grootst bij organisaties die al een complexe IT-omgeving hebben, bestaande datastructuren beheren en compliance-verplichtingen dragen. De vragen hieronder helpen je te bepalen waar je staat en wat je als eerste moet aanpakken.

Welke risico’s ontstaan er als AI-tools zonder kaders worden ingezet?

Zonder kaders loop je als organisatie vier concrete risico’s: AI-systemen die verkeerde beslissingen nemen op basis van slechte data, beveiligingslekken doordat AI-agents toegang krijgen tot systemen zonder goede autorisatie, compliance-overtredingen onder de AVG of de EU AI Act, en verlies van vertrouwen bij medewerkers en klanten zodra de eerste fouten zichtbaar worden.

Het patroon verloopt steevast hetzelfde. Eerst treden er hallucinaties op: een AI-agent geeft antwoorden die intern inconsistent zijn of die niet kloppen met de werkelijkheid, simpelweg omdat de brondata niet schoon is of omdat kernbegrippen als “omzet” of “actieve klant” nergens eenduidig zijn gedefinieerd. Vervolgens ontstaan er data-incidenten, doordat agents data opvragen of bewerken waartoe ze eigenlijk geen toegang zouden mogen hebben. Daarna volgt het moeilijkst te herstellen risico: gebruikers stoppen met het systeem te vertrouwen en omzeilen het actief.

Voor IT-managers en operationeel directeuren is dit herkenbaar. De technologie werkt technisch gezien prima, maar de organisatie eromheen is er nog niet klaar voor. Dat is geen AI-probleem, het is een fundament-probleem.

Hoe bepaal je welke processen geschikt zijn voor AI-automatisering?

Een proces is geschikt voor AI-automatisering wanneer het herhaalbaar is, gedocumenteerd, gebaseerd op schone en toegankelijke data, en wanneer een fout in de uitvoering beheersbaar is. Processen die afhankelijk zijn van impliciete kennis bij individuele medewerkers, of waarbij een fout direct grote gevolgen heeft, zijn in de meeste gevallen nog niet klaar voor automatisering.

Gebruik deze vier criteria als snelle toets:

  • Is het proces gedocumenteerd en herhaalbaar, of draait het op de kennis van één of twee mensen?
  • Zijn de onderliggende data schoon en actueel, en hebben die data duidelijke eigenaren?
  • Is er een audit trail mogelijk, zodat je achteraf kunt reconstrueren wat de AI heeft gedaan en waarom?
  • Is duidelijk wanneer een mens moet ingrijpen en wie dat dan is?

Processen die op alle vier punten groen scoren, zijn goede kandidaten. Processen die op één of meer punten rood scoren, vragen eerst werk aan het fundament voordat automatisering verantwoord is. Begin klein: kies één afgebakend proces met beperkte impact als eerste use case. Zo bouw je ervaring op zonder grote risico’s te nemen, en groeit je fundament mee met elke volgende stap.

Wat zijn de meest gemaakte fouten bij het invoeren van AI in bestaande IT-omgevingen?

De meest gemaakte fout is het overslaan van de voorbereiding: organisaties willen snel resultaat zien en starten met een AI-agent terwijl de datakwaliteit, de procesvolwassenheid en de security-inrichting nog niet op orde zijn. De tweede veelgemaakte fout is het behandelen van AI-agents als gewone applicaties, terwijl ze fundamenteel anders werken.

Een AI-agent leest data, neemt beslissingen en voert acties uit, vaak namens een gebruiker. Dat stelt andere eisen aan je IT-omgeving dan een traditionele applicatie. Concrete fouten die je in de praktijk ziet:

  • Geen semantische laag: de agent werkt met meerdere tegenstrijdige definities van hetzelfde begrip, omdat die definities nergens zijn vastgelegd.
  • Agents krijgen te brede toegangsrechten, omdat identity en autorisatie niet zijn ingericht voor een nieuwe klasse van niet-menselijke gebruikers.
  • Geen observability: niemand heeft zicht op wat de agent in productie doet, welke data hij opvraagt en of zijn output klopt.
  • Compliance wordt als natraject behandeld in plaats van als onderdeel van het ontwerp, wat later dure aanpassingen oplevert.
  • De organisatie vergeet de medewerkers: zonder uitleg over wat de agent doet en niet doet, ontstaat weerstand of onterecht blind vertrouwen.

De gemeenschappelijke noemer: het “saaie” fundament wordt uitgesteld. Dat uitstel wordt later altijd duurder dan de investering vooraf in AI-implementatie.

Hoe houd je controle over AI-beslissingen binnen je organisatie?

Je houdt controle over AI-beslissingen door voor elk type beslissing vooraf vast te leggen wie beslist: de agent zelfstandig, de agent met menselijke controle achteraf, of de mens met de agent als ondersteuning. Dit heet het bepalen van autonomieniveaus, en het is een van de fundamenten waarop een verantwoorde AI-inzet rust. Meer over hoe deze fundamenten samenhangen lees je in het AI Foundationsmodel voor organisaties.

Controle vereist drie concrete maatregelen:

  1. Stel heldere escalatiepaden in. Bepaal per beslissingstype wanneer een agent zelfstandig mag doorpakken en wanneer hij een mens moet inschakelen. Leg dit vast, niet alleen in de techniek maar ook in je procesafspraken.
  2. Richt observability in. Zorg dat je op elk moment kunt zien welke data de agent opvraagt, welke acties hij uitvoert en wat de kwaliteit van zijn output is. Zonder dit zicht ben je afhankelijk van het vertrouwen dat het goed gaat, en dat is geen beleid.
  3. Bouw audit trails in. Zeker voor beslissingen die raken aan compliance, klantdata of financiële processen, moet je achteraf kunnen reconstrueren wat er is gebeurd en waarom. Dit is ook een eis vanuit de EU AI Act voor bepaalde toepassingen. Raadpleeg je juridisch adviseur voor wat dit specifiek betekent voor jouw situatie.

Controle is geen technisch detail, het is een organisatorische keuze. Wie die keuze niet expliciet maakt, merkt pas dat hij de regie kwijt is als er iets misgaat.

Wanneer is het verstandig om externe AI-expertise in te schakelen?

Externe AI-expertise is verstandig wanneer het vraagstuk meerdere vakgebieden tegelijk raakt die je intern niet allemaal beheerst, of wanneer de combinatie van snelheid en kwaliteit intern niet haalbaar is. Voor de meeste MKB+ en midcap organisaties geldt dat AI-implementatie raakt aan data-engineering, security, procesontwerp, compliance en change management tegelijk.

Drie signalen dat je extern moet inschakelen:

  • Je hebt intern geen volledig beeld van de staat van je datafundament, je procesvolwassenheid en je security-inrichting voor AI-agents.
  • Je hebt de capaciteit niet om al die domeinen tegelijk aan te pakken naast de dagelijkse operatie.
  • Je merkt dat je bij verschillende leveranciers offertes ophaalt voor losse onderdelen, zonder dat iemand de samenhang bewaakt.

Pas op voor de valkuil van de generalist die “alles kan”. Een consultant die zowel data-engineering als security als change management claimt te beheersen op hoog niveau, is zelden in al die domeinen even sterk. Kies voor specialisten per vakgebied bij GroupConnected, en zorg dat iemand de regie houdt over het geheel en de afhankelijkheden tussen die specialismen bewaakt.

Hoe wij helpen met verantwoorde AI-implementatie

Bij GroupConnected werken we met het AI Foundationsmodel voor verantwoorde AI-inzet: negen fundamenten in drie lagen die samen bepalen of een organisatie klaar is om AI-agents verantwoord in te zetten. We beginnen altijd met een Foundation Scan, een gestructureerde quickscan van ongeveer twee tot drie uur interviewtijd verdeeld over drie mensen. Na drie gerichte gesprekken (één per laag van het model) lever je een rapportage op met een score per fundament, zodat je precies weet waar je staat en wat je als eerste moet aanpakken.

Wat je van ons kunt verwachten:

  • Een helder beeld van je huidige volwassenheid op datakwaliteit, procesontwerp, security, observability en organisatorisch draagvlak.
  • Een waardehypothese voor je eerste agent: welk probleem lost hij op, voor wie, en hoe ziet succes eruit.
  • Per fundament de specialist die er het sterkst in is, geen generalist die alles een beetje doet.
  • Één aanspreekpunt dat de regie houdt, de afhankelijkheden bewaakt en zorgt dat de specialismen op elkaar aansluiten.

We werken volgens het principe “think big, start small, act fast”: begin met één agent met beperkte impact, bouw alleen die fundamenten op die nodig zijn om die agent verantwoord te laten draaien, en laat de fundamentenlaag meegroeien met elke volgende stap. Wil je weten waar jouw organisatie nu staat? Meld je aan voor een vrijblijvende Foundation Scan.

Related Articles